De Nederlandse Staat hoeft de defecte Buitenhuizerbrug bij Spaarndam voorlopig niet te repareren. Dat heeft de voorzieningenrechter in Den Haag bepaald in een kort geding dat door verschillende watersportverenigingen was aangespannen. Volgens de rechter handelt de Staat niet onrechtmatig door de reparatie uit te stellen.
Belangrijke schakel in de Staande Mastroute
De Buitenhuizerbrug ligt over Zijkanaal C bij Spaarndam en maakt deel uit van de Staande Mastroute. Via die route kunnen schepen met een masthoogte van meer dan zes meter over binnenwateren van de Deltawateren naar het IJsselmeergebied varen, zonder dat de mast gestreken hoeft te worden. De brug is daarmee van groot belang voor zeil- en watersporters.
De brug kampt al sinds augustus 2023 met regelmatige storingen. Eind 2025 begaf een van de twee hydrauliekpompen het en op 5 februari 2026 bleek ook de andere pomp ernstige olielekkage te vertonen. Rijkswaterstaat besloot daarop de brug niet meer te openen voor hoge scheepvaart. Ook de alternatieve oostelijke route naar het IJsselmeergebied is gestremd.
Watersportverenigingen stapten naar de rechter
De betrokken watersportverenigingen vinden dat de Staat zijn wettelijke onderhoudsplicht niet nakomt. Volgens hen zorgt de defecte brug voor grote hinder en is een relatief eenvoudige en goedkope reparatie mogelijk. Zij spanden daarom een kort geding aan om de Staat tot herstel te dwingen.
De Staat stelde daar tegenover dat niet al het noodzakelijke onderhoud aan bruggen, tunnels en sluizen tegelijk kan worden uitgevoerd. Veel infrastructurele werken naderen het einde van hun technische levensduur, terwijl de financiele middelen beperkt zijn. Daarom werkt het Rijk aan een plan waarin wordt bepaald welke projecten voorrang krijgen; ook de Buitenhuizerbrug wordt in die afweging meegenomen.
Rechter: Staat mag prioriteiten stellen
De voorzieningenrechter oordeelt dat de Staat deze belangenafweging in redelijkheid heeft kunnen maken. Hoewel de rechter erkent dat de uitgeschakelde brug nadelige gevolgen heeft voor de watersportverenigingen en hun leden, moeten ook andere belangen en de beperkte financiele middelen worden meegewogen.
De rechter vindt het daarom begrijpelijk dat de reparatie onderdeel wordt van een bredere prioritering van infrastructurele projecten, in plaats van dat de storing meteen wordt verholpen. Besluitvorming over de aanpak wordt na de zomer verwacht.
Wat betekent dit voor watersporters?
Voor de watersport blijft de situatie voorlopig lastig. De verenigingen wezen ook op de veiligheidsrisico's van een mogelijke tocht over de Noordzee als alternatief voor de gestremde binnenvaartroute. Volgens de rechter is het uiteindelijk aan individuele schippers om te beoordelen of zo'n reis verantwoord is.
Zeilers die dit najaar van of naar het IJsselmeergebied willen varen, doen er verstandig aan hun route zorgvuldig te plannen en de actuele stremmingeninformatie van Rijkswaterstaat te raadplegen. Zolang er geen definitief besluit ligt, blijft de Staande Mastroute op dit punt onderbroken. Voor veel verenigingen is dat een teleurstellende uitkomst, omdat de brug al twee vaarseizoenen voor problemen zorgt.
De uitspraak betekent overigens niet dat de brug definitief gesloten blijft. Het gaat om een voorlopig oordeel in kort geding; in een eventuele bodemprocedure kan alsnog anders worden geoordeeld. Ook kan de politieke druk toenemen naarmate meer watersportverenigingen en gemeenten zich achter het herstel scharen. Voor nu blijft de boodschap echter dat wie via deze route wil varen, rekening moet houden met een langdurige stremming en tijdig een alternatief moet zoeken. Voor de recreatievaart onderstreept de zaak vooral hoezeer de staat van het Nederlandse vaarwegennet onder druk staat.
Bron: Zeilen.nl
Foto: Brug over Zijkanaal C bij het Noordzeekanaal (Wikimedia Commons)
Jachthavens
Contact
Registreren
Inloggen

Reacties 0
Log in om een comment te kunnen plaatsen